Welke knoop gebruik je wanneer?
Een knoop zoals deze op de afbeelding rechts zie je waarschijnlijk vaak terug in rackets. Deze word gebruikt om een lengte en of breedte snaar vast te zetten. Echter vaak word deze ook gebruikt om de eerste breedte snaar mee vast te zetten.
Het voordeel van deze knoop is dat hij erg gemakkelijk is om te plaatsen.
Het nadeel is dat de snaar word vastgeknoopt aan een andere snaar, deze kan daardoor minder goed bewegen en breekt in geval van piekspanning.
Dit is vaak het geval bij een hit buiten de sweetspot.

De startknoop voor de breedte
Tegenwoordig gebruiken wij veelal deze knoop op de afbeelding rechts. We noemen deze knoop de startknoop.
Het voordeel van deze knoop is dat hij erg gemakkelijk is om te plaatsen.
Deze knoop is erg simpel om aan te leggen:
Je vouwt als eerste de draad dubbel, de lus die hierdoor ontstaat twist je 4 a5 keer rond. Vervolgens haal je het uiteinde van de snaar door de lus.
Je creëert nu als het ware een prop die niet door de grommet heen kan.
Wij raden aan om bij een dunnere snaar meer omwentelingen te maken om zodoende een een prop te maken die niet door de grommet schiet.

De startknoop na aantrekken
We trekken de onderste 2 draden nog altijd tegelijk aan omdat er anders teveel kracht op de knoop komt te staan.
De breedte snaren zijn nu vastgezet door middel van de startknoop.
Echter de starknoop zit niet vast aan een lengte of breedte snaar.
De lengte snaar op grommet 6 is onderdeel van de buitenkant van de sweetspot en kan nu gelukkig nog steeds vrij bewegen.







